Stilstaan bij de donkere vlekken uit het verleden is in het nieuwe jaar misschien meer dan ooit aangewezen als remedie voor een betere wereld.
Onder de titel “In de schaduw van de stilte” brengen drie auteurs een persoonlijk en aangrijpend verhaal uit de Tweede Wereldoorlog. De Lootse Ann Dewit, Inge Sierens en Ingrid Weinberger doken in hun familiegeschiedenis en schreven romans over oorlogservaringen die jarenlang verzwegen bleven. Historica en verzetsgids Leentje Van Hoorde leidt de voorstelling, met muzikale intermezzi door violist Siewald Degraeve. De drie boeken tonen hoe oorlog blijft nazinderen, lang nadat de wapens zwijgen. In “Kerstmis zal triest zijn, lieveling” baseert Ann Dewit zich op de brieven van haar grootvader uit het krijgsgevangenenkamp Stalag IIB, doordrenkt van liefde, heimwee en wanhoop. “Suzannes oorlog” van Inge Sierens vertelt het verzetsverhaal van haar schoonmoeder Suzanne Van Meurs en haar broer Carlo, die werd geëxecuteerd als Nacht-und-Nebelgevangene, maar benadrukt ook de helende kracht van vriendschap en kunst. In “Samuels dochter” onthult Ingrid Weinberger het verborgen oorlogsverleden van haar vader, ontdekt na het overlijden van haar ouders. Tijdens de voorstelling vertellen de auteurs eerst hun verhaal, waarna Leentje Van Hoorde met hen in gesprek gaat over hoe oorlog voortleeft in stilte. Muzikale vioolmomenten verdiepen de emotionele lading. Na afloop wordt het publiek uitgenodigd voor een gratis aperitief.
Praktisch
Zondag 25 januari om 10.30u
in zaal De Blomme, Dekenijstraat 10, 9080 Lochristi
Deelnameprijs: 17 €, Leden Davidsfonds: 15 €, tot 16 jaar gratis.
Vooraf inschrijven via janboone@telenet.be

Ann De Wit – “Kerstmis zal triest zijn, lieveling”
Op 24 november 2023 stelde de Lootse Ann De Wit haar boek “Kerstmis zal triest zijn, lieveling” voor. Een boek dat gebaseerd is op brieven van haar grootvader Roger De Wilde en verzonden vanuit het krijgsgevangenschap Stalag IIB (1940-1945). Een authentiek verhaal over liefde en miserie. We hernemen een deel van het interview van toen.
Na tien jaar verdriet om zijn overleden vrouw Christiane De Wilde overleed in 2022 Ann haar vader Martin De Wit. Al die tijd had hij zijn drie dochters gevraagd om niet op te ruimen in zijn huis of iets weg te gooien wat van hun moeder was. Dat alles was immers heilig voor hem. Toen hij er plots niet meer was, moest ze samen met haar zussen het ouderlijk huis leegmaken. Geen dag ging voorbij zonder een nieuwe verrassing, zoveel zaken die ze in jaren niet meer gezien hadden. Moeder had blijkbaar niets weggegooid uit hun jeugd. Ze vonden oude spullen, nieuwe spullen nog in de winkelverpakking, doosjes en nog eens doosjes. Achteraan op een plank troffen ze een blikken doos aan die tot hun verbazing een hele stapel brieven bleek te bevatten, geschreven in de oorlog. Ze telden maar liefst 280 oorlogsbrieven van hun grootvader. Niemand van hen had ze ooit gezien of gelezen. Ann las ze allemaal en ontdekte feiten uit het leven van haar grootvader waarvan ze nooit iets geweten had, noch van haar grootouders, noch van haar ouders. Hier was in de tientallen jaren na de oorlog thuis nooit over gesproken. Ze leerde uit de brieven dat Roger beroepsmilitair was geweest en de Tweede Wereldoorlog had overleefd als krijgsgevangene van de Duitsers.

“Kerstmis zal triest zijn, lieveling”, een titel die binnenkomt.
“Dat is waar, dat komt ook heel vaak voor in het boek. Grootvader heeft heel alleen en ver van zijn vrouw en dochtertje vijf keer Kerstmis moeten meemaken. Ieder jaar schreef hij hoe erg hij het vond dat ze elkaar niet konden zien.”
Heb je nooit het gevoel gehad een voyeur te zijn?
“Neen, eerder het omgekeerde. Bij iedere brief was ik eerder verbaasd. Ik had zoiets van: blij dat ik dit nu weet. Dit stukje verleden was een blinde vlek voor ons. Het enige woord dat mijn moeder en grootmoeder gebruikten was het woord krijgsgevangene. Grootvader is overleden toen ik 12 jaar was, ik heb hem dus eigenlijk niet lang gekend. In mijn hoofd leefde het beeld dat hij in de gevangenis had gezeten. Er werd daar weinig over gesproken. We waren te jong en alles stond nog niet in de boeken. Over de oorlog en concentratiekampen hadden we als kinderen wel al gehoord en gelezen, maar niet over het leven in krijgsgevangenkampen. Het was pas na het lezen van de brieven dat we een inkijk kregen in het kampleven.”

Enig idee waarom deze periode nooit ter sprake is gekomen binnen de familie?
“Misschien omdat het een ellendige tijd was geweest en grootmoeder ons dit hoofdstuk wou besparen. Ik vermoed dat het een combinatie was van trauma en verdringen. Er niet over praten was een vorm van uitwissen. Het was er niet meer. Wij konden dus ook geen vragen stellen en nu vind ik dat jammer.”
Zou grootvader akkoord geweest zijn met de publicatie?
“Ik denk dat wel. Hij was een heel rustige en vriendelijke mens. Iemand die nooit in discussie ging. Hij zou de publicatie misschien niet meteen hebben verwacht. De brieven die hij wekelijks schreef waren alleszins therapie voor hem, een houvast om de ellende te overleven. Ik vind het ook zo jammer voor mijn moeder en grootmoeder dat ze deze publicatie niet meer kunnen meemaken. Het is een postuum eerbetoon aan mijn grootvader.”

Foto’s: © Tesse Kraan (groepsfoto) – © Bennie Vanderpiete (foto Ann De Wit) – © Ann De Wit (Repro’s)

