Als je loopt langs Lootse wegen, kom je wel eens… een kerstkonijn tegen.

Lopen is gezond. Dat staat buiten kijf. Maar lopen is ook fun: je ziet en hoort gewoon veel meer dan wanneer je met de fiets of met de wagen onderweg bent. Lopen vertraagt, maakt de tocht intenser en interessanter en… inspireert!

Daarom deel ik graag, als gastschrijver bij Lo Actueel, mijn kleine loopavonturen. En, omdat iedere dag een goede dag is voor een nieuwe start, wacht ik niet tot 1 januari, maar start vandaag.

Daar is de kerstboom, daar zijn de lichtjes

Het zat er al even aan te komen: de bomen werden kaler, de avonden langer en de luchten grijzer. Een donkere leegte die smeekte om opgevuld te worden. Hét moment om de kerstversiering, die al 11 maanden ergens op zolder of in de berging was opgeborgen, boven te halen. Soms heel aarzelend (is het nog niet té vroeg, wat met de Sint?), soms meteen héél enthousiast.

Dus, hoe je het ook draait of keert, ieder looptochtje wordt mooier en kleurrijker. Lichtjes in alle mogelijke vormen en kleuren, hier en daar al een kerstboom die vrolijk aan het blinken is, de eerste kransen en zelfs gigantische… kerstkonijnen.

Kerstversiering werkt blijkbaar net zo aanstekelijk als dat virus, je weet wel …

© Tobias Tullius & Annie Spratt (Unsplash)


De kerstboom

Maar, hoe is deze traditie van kerstbomen en kerstversiering eigenlijk ontstaan? Hierover bestaan redelijk wat discussies. Het zou begonnen zijn met oude Germaanse tradities (ook al versierden de Romeinen hun huis ook al met groene takken en verlichting). Groene bomen en takken staan symbool voor vruchtbaarheid en goddelijkheid. Aangezien de dennenboom altijd groen bleef, was de keuze voor deze boom snel gemaakt. De groene boom kondigde meteen ook de nieuwe lente aan en de overwinning van het licht op de duisternis.

© Felicia Buitenwerf & Annie Spratt (Unsplash)

Vanaf de 15de eeuw werd deze traditie overgenomen door de christenen. Vooral in Noord-Europa en de Duitse gebieden was het gebruik van – rijkelijk versierde – kerstbomen wijdverspreid.

In de 16de en 17de eeuw gaven welgestelde Duitsers, de kerstboom dan voor het eerst een plaatsje binnenshuis. De Britse adel nam die gewoonte over en zo werd de kerstboom-traditie vrij snel verspreid over de rest van Europa.

Duitse immigranten namen het gebruik mee naar de Verenigde Staten en ook daar werd het steeds populairder. De bomen namen steeds grotere proporties aan en de versiering werd uitbundiger.

Toch duurde het nog tot de 19de eeuw vooraleer de kerstboom bij de “gewone” Europese bevolking populair werd. De Rooms-Katholieke kerk probeerde dit nog te verhinderen (het zetten van de kerstboom werd immers beschouwd als een heidens gebruik) maar tevergeefs … kerstbomen (en alle versiering daarrond) zijn, tot op vandaag, gewoon niet meer weg te denken.

Mooi verhaal dus. En, aan iedereen om dit zelf, naar eigen smaak en goesting in te vullen (of net niet).

© Chris Briggs & Annie Spratt (Unsplash)

Kerstkonijnen?

Alleen … wat met die kerstkonijnen? Waar komen die vandaan? Een nieuwe trend?
Wordt binnenkort de traditionele kalkoen vervangen door een heerlijke stukje konijn? Zijn de arme beestjes ergens verloren gelopen tussen Pasen en Kerst en worstelen ze nu met een lichte identiteitscrisis? Of wordt Rudolph binnenkort bedankt voor bewezen diensten en zien we de kerstman de volgende weken door de lucht klieven in een slee getrokken door … jawel … kerstkonijnen?

We zien wel. Laat het u er in ieder geval niet van weerhouden om met volle teugen te genieten van deze warme en feestelijke periode.
Sportieve en “Kerstige” groeten!

Anne

Scroll naar boven