Is het geen verkeers- of gasboete die in je brievenbus valt, dan verschijnt het woord boete gegarandeerd zowat elke dag op je televisie- of computerscherm.
Tel maar eens hoe vaak het woord boete deze week in het nieuws komt. Het voelt soms alsof we ons midden in het opengevouwen meesterwerk “Schuld en boete” van de Russische schrijver Dostojevski bevinden. Een wereld waarin de massa de wet moet volgen en bestraft wordt bij overtreding. Is het een falen van de samenleving wanneer het kaartenhuisje op deze manier overeind gehouden moet worden? Wanneer ik tijdens het zappen stuit op programma’s zoals “De Rechtbank” of “Alloo bij de Wegpolitie”, valt me op dat het verhaal vrijwel altijd eindigt met een boete. Net zoals bij Dostojevski, verschijnen de stropdassen zelden in beeld. Boetes in alle vormen, of de dreiging ervan, zijn een zwaktebod geworden – de stok achter de deur. Terwijl je je kinderen beter uitlegt waarom hun gedrag ongepast is (want een pedagogische tik wordt als middeleeuws beschouwd), blijven geldboetes onverminderd hun opmars maken. Hierdoor wordt het beeld dat boetes een verdienmodel zijn alleen maar verder versterkt.

